Projecten

Lopende en voorbije projecten en publicaties.

Amnesty International Vlaanderen, en vele van haar pioniers, hebben archiefstukken, documenten en audio-visueel materiaal, toevertrouwd aan Amsab-ISG of omwille van andere engagementen aan aanverwante archiefdragers zoals het Kadoc of het Letterenhuis. Op basis hiervan NEE: thesis bram ; project Michelle ; eigen interviews bieden wij een inkijk in het ontstaan, de groei en de groeipijnen in de eerste decennia van de nu 65-jarige internationale mensenrechtenorganisatie, met focus op Amnesty International Vlaanderen. 

We brengen de pioniersjaren in beeld aan de hand van interviews met de pioniers of met Amnestyleden of –sympathisanten die hen hebben gekend. Zo kunnen we een glimp opvangen van de personen die aan de wieg stonden, van hun motieven en sociaal engagement. In de eerste jaren zijn de belangrijkste inhoudelijke en organisatorische fundamenten vastgelegd, zeg maar het karakter van de organisatie, welke tot op vandaag mee de werking en strategie van de organisatie bepalen. 

De stichting van Amnesty International ligt in Londen en de start is officieel 8 oktober 1961. Op die dag werd de beslissing genomen tot het oprichten van een permanente organisatie om het Appeal for Amnesty te bestendigen. 

Maar het verhaal begint bij het verschijnen van Peter Benenson’s artikel The Forgotten Prisoners met een ‘Appeal for Amnesty’ en een eerste officiële vergadering in Londen op 28 mei 1961.  

Al vanaf het beginjaar 1961 waren Vlamingen betrokken bij de activiteiten en de uitbouw van de organisatie. Dit is dus lang voor de officiële oprichting van Amnesty International België in 1973 met een Nederlands- en een Franstalige afdeling en lang voor de creatie van de twee afzonderlijke secties in 1977: een Vlaamse en een Francofone. 

De betekenis van Amnesty International Vlaanderen voor de pioniersjaren van de internationale organisatie is uitzonderlijk interessant. Het is het engagement van de Vlaamse pioniers die met deze publicatie in de schijnwerpers wordt gezet. Wie meer wil lezen over de internationale ontwikkelingen vindt meer informatie in het project Making Amnesty International van Michelle Carmody. Het project belicht de activisten die Amnesty International wereldwijd uitbouwen tussen 1961 en 2001.

In een eerste rubriek belichten we twee internationale pioniers omdat zij uitzonderlijke contacten hadden met de Vlaamse pioniers. Het gaat om de oprichter Peter Benenson en Martin Ennals, de eerste betaalde secretaris-generaal. Een tweede, derde en vierde rubriek laten getuigen aan het woord over de Vlaamse protagonisten van de beweging in de jaren 1960. De volgende rubrieken belichten achtereenvolgens het ontstaan van de eerste duurzame lokale Amnesty groepen en hun werkterrein en verwezenlijkingen: het mandaat en de belangrijkste campagnes, de voortdurende aandacht voor financiële onafhankelijkheid en samenwerking met andere organisaties, de rol van de pers bij het in de kijker plaatsen van de mensenrechten en tot slot de bekroning onder de vorm van de Nobelprijs voor de Vrede.

Pioniers Amnesty International

Het ontstaan in 1961, de groei en ook de meer moeilijke perioden van Amnesty International kunnen niet los gezien worden van de politiek-maatschappelijke context. In de naoorlogse periode en in de geest van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens worden niet alleen meer specifieke verdragen gesloten, maar worden eveneens instellingen en organisaties opgericht die de nieuwe waarden en normen zullen omkaderen. Zoals andere mensenrechtenbewegingen is Amnesty International in de jaren 1960 en 1970 een 'nieuwe sociale beweging' en zoekt ze een plaats in het maatschappelijk middenveld. Met acties en samen met andere drukkingsgroepen trachten ze de publieke opinie en het overheidsbeleid te beïnvloeden. 

Amnesty International is een van de organisaties die in deze naoorlogse periode wordt opgericht en kent, zoals veel andere sociaal-maatschappelijke organisaties geen gemakkelijke start. Veel van de landelijke secties kenden een dipje in de werking in de jaren 1960 en ook voor het internationaal bestuur moest na 10 jaar een nieuw elan worden gevonden. Kenmerkend voor deze nieuwe organisatie was dat groepen de basis van de organisatie vormden. Het was groeien met vallen en opstaan. Een nieuw soort middenveldorganisatie, stevig democratisch gestoeld en met internationale ambitie. 

De jaren 1950-1960 zijn internationaal en nationaal zeer christelijk geïnspireerd en in Vlaanderen, maar ook in de buurlanden, beladen door Amnestie-vragen. De protagonisten van Amnesty International hebben de oorlog actief meegemaakt, het is wat wordt genoemd ‘de’ naoorlogse generatie. Meer dan in andere naburige landen bleef in Vlaanderen de discussie over amnestie en amnestiërende maatregelen nog lang voortduren. Over ‘de amnestiekwestie’ circuleerden ook binnen de Amnesty groepen in Vlaanderen opiniestukken en werden discussies gevoerd. De ‘amnestiekwestie’ was zowel een trigger als een remmende factor. 

In de loop van jaren 1960 komt er een internationaal secretariaat in Londen en worden doelstellingen duidelijker afgebakend.

Peter Benenson

Peter Benenson (bron: AI Nederland) fo031333

Peter Benenson was als puber al zeer sociaal gedreven en zijn opleiding als jurist bracht hem nog dichter bij het bestrijden van alle vormen van onrecht en het verdedigen van alle mensenrechten. Dat zijn moeder bevriend was met Eleanor Roosevelt is daarenboven wellicht ook niet vreemd aan zijn maatschappelijke bewogenheid. 

Met Amnesty International was Peter Benenson niet aan zijn proefstuk toe. Hij zette zich voor de jaren 1960 al actief in op diverse domeinen van mensenrechten. Uit een korte biografie van zijn sociaal activisme onthouden we zijn verdediging van vakbondsmilitanten in het faschistische Spanje van de jaren 1950, zijn ondersteuning van advocaten in Grieks Cyprus en zijn bijdrage bij het sturen van mensenrechtenwaarnemers naar Zuid-Afrika en Hongarije. Het oprichten van een bredere onafhankelijk en wereldwijde mensenrechtenorganisatie was een logische verderzetting van zijn engagement. Het allereerste secretariaat van Amnesty is in de pioniersjaren gehuisvest in de kelder van Benensans kantoor in Mitre Court. 

De ‘mythe’ rond de oprichting van Amnesty International toont de diepe bewogenheid van de advocaat en activist Peter Benenson. 

De mythe - en een mythe is het zeker geworden - van de oprichting van Amnesty International is ondertussen genoegzaam bekend. Een Brits advocaat, Peter Benenson zat op een ochtend in november 1960 in de Londense ondergrondse op weg naar zijn kantoor The Daily Telegraph te lezen. Zijn oog viel op een artikeltje over twee studenten in het Portugal van dictator Antonio  Salazar die, na een dronk te hebben uitgebracht op de vrijheid, verklikt werden en veroordeeld werden tot zeven jaar gevangenisstraf. Woedend stapte hij enkele haltes vroeger uit en hij begaf zich naar de beroemde kerk St. Martin-in-the-Fields op de hoek van Trafalgar Square om na te denken en te bidden. Een idee begon zich te vormen in zijn hoofd: een wereldwijde campagne voor politieke gevangenen. Hij legde het idee voor aan een aantal vrienden en ze besloten de campagne Appeal for Amnesty, 1961 te noemen. Zes maanden later, op 28 mei 1961, verscheen het artikel The Forgotten Prisoners in de Britse zondagskrant The Observer. De reactie van het publiek was overweldigend.
Uit: Bram De Scheemaeker, De flakkerende vlam, blz. 20.

Naast de mythe zijn er de feiten, maar vooral ook de impact. Getroffen door de arrestatie van twee Portugese studenten die een toast uitbrachten op de vrijheid publiceerde Peter Benenson samen met vrienden een vlijmscherp artikel in The Observer op zondag 28 mei 1961. Het artikel ging over gevangenen omwille van kwesties rond geweten en politieke overtuigingen en het artikel was meteen een oproep: een appeal for Amnesty! En die oproep werd ruim gehoord en gevolgd. 

On both sides of the Iron Curtain, thousands of men and women are being held in gaol without trial because their political or religious views differ from those of their Governments. Peter Benenson, a London lawyer, conceived the idea of a world campaign, Appeal for Amnesty, 1961, to urge Governments to release these people or at least give them a fair trial. The campaign opens today, and The Observer is glad to offer it a platform.
Uit: 'Appeal for Amnesty', The Observer, 28 mei 1961.

Het artikel krijgt een zeer grote respons en al op 22 en 23 juli 1961 vond in Luxemburg een internationale vergadering plaats met mannen en vrouwen van onder andere Frankrijk, Duitsland, België, Ierland, Groot-Brittannië. Er werden afdelingen opgericht in Zwitserland en Griekenland en nog voor het jaareinde toonde ook Australië belangstelling en werd er in New York een voorlopig comité opgericht.

The Observer, 28 mei 1961 (bron: AI UK)

Als stichter en grote bezieler van Amnesty Internationaal blijft Peter Benenson jarenlang actief en hij heeft een speciale betekenis gegeven aan de kaars als symbool van licht in de duisternis.

Ooit waren de concentratiekampen en de duivelse oorden van de wereld in duisternis gehuld. Nu worden ze verlicht door het licht van de Amnesty-kaars, de kaars in prikkeldraad. Toen ik voor het eerst de Amnesty-kaars aanstak, dacht ik aan het oude Chinese spreekwoord: "Het is beter een kaars aan te steken dan de duisternis te vervloeken." Citaat van Peter Benenson, 1994

In een interview in 1994 legt Peter Benenson uit hoe hij tot de beslissing kwam om actie te ondernemen voor gewetensgevangenen en waarom hij wereldwijd verzet voor ogen had.

Interview met Peter Benenson, 1994 (bron: World Images, Dominique O’Regan, Bristol)